Wat is Jenaplanonderwijs?
De Tandem is een basisschool voor Jenaplanonderwijs. Dit zegt iets over de gekozen pedagogische richting. Het Jenaplanconcept is ontwikkeld door Peter Petersen (hoogleraar in Jena, Duitsland). In de twintiger jaren van de vorige eeuw ontwikkelde hij nieuwe ideeën over onderwijs en opvoeding. De sociale vorming was voor hem belangrijk: leren is niet alleen een kwestie van kennis vergaren. Pas in de zestiger jaren van de vorige eeuw werden deze ideeën, voornamelijk in Nederland, in de praktijk gebracht.
Het Jenaplan is een onderwijsconcept. Dat betekent dat de theorie en de praktijk erin samenkomen. De theorie is het resultaat van nadenken over vier zaken:
- In het onderwijs vorm je jonge mensen tot een persoonlijkheid, maar wat is dan je gewenste mensbeeld?
- In het onderwijs vorm je jonge mensen om hen een goede plek te laten vinden in de maatschappij, maar hoe is dan je beeld van die gewenste samenleving en maatschappij?
- In het onderwijs voed je jonge mensen op, maar wat zijn dan je opvoedingsdoelen?
- In het onderwijs geef je onderwijs, maar welke doelen, inhouden, middelen en vormen van organisatie gebruik je daar dan bij?
De twintig basisprincipes van het Jenaplan doen over deze vier zaken duidelijke uitspraken. De Nederlandse Jenaplanvereniging heeft deze basisprincipes ongeveer tien jaar geleden vastgesteld. Slechts die scholen die werken vanuit deze principes en ze tevens hebben vermeld in het schoolplan, kunnen lid worden van de Nederlandse Jenaplanvereniging.
De principes vormen eigenlijk de normen voor het denken en handelen. Ze geven een gemeenschappelijke basis aan van waaruit men wil werken en ze geven een richting aan voor het denken en handelen.
De twintig basisprincipes zijn als volgt geordend:
- vijf uitspraken over het gewenste mensbeeld;
- vijf uitspraken met wensen over de samenleving;
- tien uitspraken over opvoeding en onderwijs.
In ons onderwijs richten wij ons op de emotionele en verstandelijke ontwikkeling, het ontwikkelen van de creativiteit en het verwerven van noodzakelijke kennis en sociale, culturele en lichamelijke vaardigheden.
In ons onderwijs hechten wij waarde aan:
- Het belang van een goed schoolklimaat.
Een goede onderlinge sfeer tussen kinderen en leerkrachten is essentieel voor het optimaal functioneren van iedereen. Een goed pedagogisch klimaat, veiligheid en geborgenheid zijn voor ons zeer belangrijke waarden, die permanent onze aandacht vragen. Wij hebben veel aandacht voor de sociaal/emotionele ontwikkeling van onze kinderen. Pesten en discriminerende uitingen worden niet getolereerd. - Het belang van optimale zorg voor elk kind.
Dit brengt met zich mee dat we constant werken aan een professionele interne begeleiding en een goed leerlingvolgsysteem. Extra aandacht voor het begaafde en minder begaafde kind is heel belangrijk. Daarom wordt er gewerkt met methoden en/of onderwijsleermiddelen die rekening houden met de verschillen tussen onze kinderen.
Wij proberen dus ons onderwijs zoveel mogelijk af te stemmen op de mogelijkheden en onderwijsbehoeften die onze kinderen hebben. In de praktijk betekent dit o.a.: - Differentiëren naar onderwijsbehoefte t.a.v. inhoud en instructie
- Het zo nodig opzetten van een tweede leerlijn
- Het zorgen voor voldoende remediërende materialen en materialen t.b.v. de leerlingen die wat meer aankunnen.
- Het belang van samenwerken.
Dit brengt met zich mee dat we bij de keuze van lesmaterialen en werkvormen veel rekening houden met het aspect van het samenwerken van kinderen. Dit komt o.a. tot uiting in werkvormen als tutorlezen, samenwerken in de blokperiode, creatieve activi-teiten in kleine groepjes, het voorbereiden van een kring en het maken van een werkstuk. - Het belang van het leiden tot zelfstandigheid.
Wij vinden het erg belangrijk dat kinderen opgroeien tot zelfstandige personen. Daarom leren we onze kinderen veel zaken zelfstandig op te lossen en te regelen.Via het werken met een dagtaak wordt toegewerkt naar het leren omgaan met een weektaak. Hierbij hoort een gevoel van verantwoordelijkheid voor het eigen gedrag en voor het maken van keuzes. Bij de keuze van werkvormen en activiteiten zullen we met dit aspect steeds rekening houden.